Tissa & Yala 1- 3 nov 13
 
Yala Yala

Tissa, of eigenlijk Tissamaharam, is een
dorpje waar ik ook weer om twee redenen naar toe ging. In de eerste plaats omdat het altijd leuk is om in kleine dorpjes te zijn en de tweede was het
Nationale Park van Yala.
 
 
 
 
 
 
Vanuit Tissa kun je dan een echte safari maken in dit 127 duizend hectaren tellende park, met wilde olifanten, krokodillen, buffels, zwijnen, apen en vooral luipaarden. Het is het dichtstbevolkte gebied ter wereld om luipaarden te spotten.
 
 
Eerst maar eens in Tissa zien te komen. Ik wilde
eigenlijk de trein nemen en dan de bus, maar de trein ging of in het midden van de nacht of in de middag pas. Dan maar rechtstreeks de bus, maar die moest eerst nog 1800 meter de berg af. Met de Lanka
Ashok Leyland
(het nationale busmerk, die allemaal in de 19e eeuw lijken te zijn gebouwd) over modderige paden, langs watervallen en over slingerweggetjes. Dan nog een keer overstappen en dan de tuk tuk. En dan ben je
in Tissa. Ik had een adres gekregen van Ali, Regina’s guesthouse en die kon ook een safari regelen.

Mooi! Had ik nog heel de dag om het dorp te verkennen. Er is een groot meer waar mensen zwemmen, en volgens mij vooral moslims hun vrije
vrijdag aan het vieren waren. Er is een grote Dagoba (stoepa) die in de
steigers stond, en vooral heb ik natuurlijk weer overal staan kletsen. Want dat
doe je in Sri Lanka: met lokale mensen kletsen. Leuk! En de volgende dag
Safari… Om half vijf op, want voor vijf uur zou de gids er al zijn. Met de 4x4
nog wat andere mensen nog ophalen. Joris en Marieke uit Utereg en een Zwitsers stel, van wie ik de naam kwijt ben. Het was in ieder geval weer eens tijd om Nederlands te praten, dat leek ineens weer
lang geleden. We hebben veel gezien, maar geen luipaarden. Wel alle andere
dieren waar ik voor was gekomen en natuurlijk het prachtige park, waar rond
elke boom wel weer iets was te spotten. Hoogtepunt van de dag: Een beetje cru,
maar fascinerend: Een python had een volwassen hert in een wurggreep en hij zat
twee keer rond zijn nek gedraaid. Het hert bewoog al niet meer toen wij
aankwamen en toen we na een uur of 5 terug kwamen was de python zelfs al weer
weg. Toch te groot om te eten? Volgens de gids was de python wel 12 tot 14
meter, maar onze inschatting was meer 3- 4 meter. Maar zeker spannend.

 
 
En toen begon het te regenen, en het heeft die dag niet meer opgehouden.
 
Kataragama
 
Maar
ik was nog niet klaar. Vandaag was Divali (of Deepavali) en er was een soort van bedevaartsplaats vlakbij Tissa, genaamd Kataragama. Dat wil zeggen, ongeveer 40 minuten met de Tuk Tuk. Auntie (zo noemen ze hier de eigenaresse van je Guesthouse) wist wel een chauffeur. Voor iets meer dan 6 euro en dan zou hij daar een uur op me wachten.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Maar chauffeur Dio deed meer, hij deed zelf mee
aan alle gebeden en ik mocht mee de tempels in. Ik werd begroet als gelovige en
kreeg een witte, daarna een gele en een rode stip op mijn voorhoofd. Ik genoot ten
volle van Divali. In tegenstelling tot Haridwar in India in 2004 was ik dit
keer geen toeschouwer maar een deelnemer. Ik mocht meedoen aan de rituelen in
de tempels. Wat een fantastische ervaring!
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Soms, heel soms, dan ben je tot
op je vezel bewust van waar, wanneer en wie je bent. Dan besef je je dat dit
het moment is dat je leeft. Echt leeft! Dio vroeg me een paar keer; ‘Are you
happy, sir?’ ‘Yes, I am happy!’ antwoorde ik dan.
En ik was heel happy, ik had een soort van filosofische,  spirituele, religieuze ervaring. Lastig te
omschrijven. Maar ik was heel happy. Die avond heb ik heerlijk gegeten, wat
verslagen geschreven en lekker geslapen. De volgende dag naar de kust, hopende dat het daar niet zou regenen…
En:
-    Een heel bijzonder ritueel van de Hindoe Sri Lankaanse mannen: ze gooien een brandende kokosnoot op een eeuwenoude steen, net als hun voorouders. Om boete te doen voor slechte daden, volgens Dio.