----------NEDERLAND----------
 
Nederland
 

De geschiedenis

Tot aan de 16e eeuw waren de laaglanden, Nederland, Belgie en Luxemburg nog 1 land, bevolkt door 2 stammen, de Batavi in het zuiden en de Frisii in het noorden. Ten westen van de huidige provincies Noord-Brabant, Gelderland, Overijssel en Drenthe was Nederland één grote moerasdelta doorsneden door talloze beken, meertjes en veengebieden. Het IJsselmeer bestond nog niet en was een reusachtig veenmoeras. Omstreeks het eerste millennium voor de jaartelling kwamen er Keltische stammen naar het gebied van Nederland en verdreven en/of vermengden zich met de oorspronkelijke bevolking. Later gebeurde hetzelfde met Germaanse stammen.
 
Nederland 1830Aan het einde van de 1e eeuw v.Chr. kwamen de Romeinen naar de Rijndelta. In eerste instantie werd geheel Nederland bezet, inclusief de Friese gebieden in het noorden, met het oog op de geplande verovering van Germania. Vooral langs de Maas en in de Betuwe liggen stedelijke nederzettingen en dorpen met Romeinse wortels. Volgens recent archeologisch onderzoek is Maastricht sinds de Romeinse stichting continu bewoond gebleven.
 
De Friezen waren een volk van zeevaarders, maar de Friese vloot werd rond 785 door Karel de Grote vrijwel geheel vernietigd.
Onder Karel de Grote beheerste het Frankische rijk rond 800 vanuit zijn kern in het huidige België en Noord-Frankrijk een groot deel van Europa waaronder het huidige Duitsland en Noord-Italië. In deze tijd werden na de Franken ook de Friezen en Saksen tot het christendom bekeerd.
Bij het Verdrag van Verdun in 843 werd het Frankische rijk verdeeld tussen de drie kleinzonen van Karel de Grote. Het gebied van het huidige Nederland maakte deel uit van het Heilige Roomse Rijk (behalve Zeeuws-Vlaanderen: de Schelde was de grens). In 866 en 882 vonden Vikingaanvallen plaats in de IJsselstreek.
De Nederlanden waren het rijkste en welvarendste gebieden van het voormalige Bourgondische Rijk.
Dit zou tot gevolg hebben dat de Habsburgers een rijk opbouwden dat bestond uit drie delen: een Oostenrijks, een Spaans en een Bourgondisch deel.
 
In de zestiende eeuw nam een deel van bevolking van de Nederlanden deel aan de reformatie (hervorming) en werd dus protestant. Bij de Vrede van Westfalen in 1648 werd de onafhankelijkheid van de Republiek eindelijk door Spanje en ook internationaal erkend. Ook werd bevestigd dat de Republiek geen deel meer was van het Heilige Roomse Rijk. Het Zuiden werd daar wel weer een deel van (inclusief Vlaanderen).
Eind 16e eeuw voerden de volkeren uit de noordelijke provincies de 80 jarige oorlog tegen de Spanjaarden, onder leiding van prins Willem van Oranje. In deze tijd (rond 1580) werd al de VOC opgericht, de Verenigde Oostindische Compagnie. De Nederlanders jaagden op walvissen rond Spitsbergen, handelden in specerijen uit India en de Indonesische archipel, en stichtten koloniën in Brazilië, Nieuw-Nederland (tegenwoordig de staat New York), de Kaapkolonie en het Caraïbisch gebied. Nederlanders heersten ook over de eilanden Ceylon (het tegenwoordige Sri Lanka) en Formosa (het tegenwoordige Taiwan). In de Indonesische archipel ontstond de grootste kolonie, het latere Nederlands-Indië, later ook wel Insulinde (Nederlands-Indië) genoemd. Vanwege de rijkdom die met de handel werd bereikt – geruime tijd was de Republiek zelfs de rijkste natie van het Westen – werd de 17e eeuw bekend als de Gouden Eeuw voor Nederland. Hoewel de Republiek als een tolerante staat gold, was het katholicisme een 'onderdrukte' godsdienst. Maar er werd vooral veel gehandeld. In alles wat maar geld opleverde, zoals ook slaven...

In 1665 verklaarde Engeland de oorlog (Tweede Engels-Nederlandse Oorlog). Voordien hadden de Engelsen reeds nederzettingen in Nieuw-Nederland aangevallen. Nederland moest zich ook bezighouden met de Franse invasie in de tijd van Lodewijk XIV in de Spaanse Nederlanden, en nadat admiraal Michiel de Ruyter de Theems opvoer en een deel van de Engelse vloot vernietigde in de tocht naar Chatham, werd de Vrede van Breda gesloten (1667). De Engelsen kregen de Nederlandse bezittingen in Noord-Amerika, bijvoorbeeld Nieuw-Amsterdam het latere New York, maar Suriname werd Nederlands.
Nadat koning Jacobus II van Engeland onttroond was door het Engelse Parlement, werd diens schoonzoon, stadhouder Willem III, in 1689 gevraagd om ook koning van Engeland te worden. Willem had daar wel oren naar en viel met een reusachtige vloot (zelfs veel groter dan de Spaanse Armada van 100 jaar eerder) bemand met een grotendeels Nederlands leger Engeland binnen, ontbond het Engelse leger en gaf de soldaten van zijn tegenstribbelende schoonvader Jacobus het bevel Londen te verlaten. Zo liepen er dus een tijdlang Nederlandse soldaten op wacht in de straten van Londen...
 
De macht en het geld zat vooral in de streek Holland, een streek wat nu ongeveer noord- en zuid- Holland, Utrecht en Zeeland samen zijn. Vandaar ook de wereldwijde verwarring tussen Holland en Nederland.
Na de Franse bezetting, onder leiding van Napoleon (1795-1814), werd prins Willem Frederik van Oranje-Nassau, de zoon van stadhouder Willem V, uitgeroepen tot eerste vorst van het verenigd koninkrijk der Nederlanden, waar Belgie en Luxemburg tot ongeveer 1830 nog lid van waren.
Maar de Belgen voelden zich spoedig tweederangs burgers: in bestuur en hoge legerposten waren de Belgen zwaar ondervertegenwoordigd hoewel ze een groter deel van de bevolking en het leger uitmaakten. Bovendien waren er grote religieuze verschillen (het katholieke zuiden tegenover het protestantse noorden).
In 1830 kwamen de spanningen ten slotte tot een uitbarsting. De Belgen kwamen in opstand en verklaarden zich onafhankelijk.
Aan het eind van de 19e eeuw spanden diverse Europese landen zich in om koloniën te verwerven. Nederland vergrootte en versterkte eveneens flink zijn positie in Nederlands-Indië. Dit ging met zwaar geweld tegenover de inheemse bevolking gepaard. Vooral de oorlogen op Java en Sumatra (in Atjeh, Van Heutsz) werden berucht wegens de vele slachtoffers onder de bevolking en de begane wreedheden over en weer. Deze praktijken waren overigens ook 'normaal' bij de meeste andere Westerse kolonisators, bijvoorbeeld in Belgisch Congo, Brits Afrika en de Franse koloniën. Multatuli schreef Max Havelaar, een van de bekendste boeken uit de Nederlandse literatuur, waarin hij de Nederlandse exploitatie van het land en zijn inwoners aan de kaak stelde.

Nederland bleef neutraal in de Eerste Wereldoorlog, maar het leger werd wel gemobiliseerd toen in augustus 1914 de oorlog uitbrak. De Duitse invasie in België leidde tot een groot aantal vluchtelingen uit dat land (ca. 1 miljoen). Directe oorlogshandelingen bleven Nederland bespaard. De Duitsers dachten dat een neutraal Nederland als een "luchtpijp naar de Noordzee" hen meer zou opleveren dan een bezet Nederland. Bovendien was het Nederlandse leger relatief groot en modern. Het zou de Duitsers lang genoeg kunnen tegenhouden om de Engelsen de tijd te geven om te landen, en dan zou Duitsland een derde front hebben.
Op 10 mei 1940 werd Nederland, ondanks Duitse beloften voor respectering van de Nederlandse neutraliteit, aangevallen door Nazi-Duitsland dat via Nederland (en België) Frankrijk wilde binnenvallen. De lage landen raakten daarmee betrokken bij de Tweede Wereldoorlog. In 1942 veroverde Japan Nederlands-Indië.
Direct na de bevrijding van Nederlands-Indië, op 17 augustus 1945, verklaarde het land zich onafhankelijk onder de naam Indonesië. Nederland erkende uiteindelijk de Indonesische onafhankelijkheid officieel op 27 december 1949. Een immigratiestroom van in totaal ca. 300.000 personen uit Indonesië kwam op gang, bestaande uit Molukkers (ex-KNIL-militairen plus hun gezinnen), Nederlandse repatrianten, en "Indo's" (nakomelingen uit gemengde huwelijken). In 1948, in het vijftigste jaar van haar regeerperiode, trad koningin Wilhelmina af ten gunste van haar dochter Juliana.
In de jaren vijftig nam de welvaart in Nederland snel toe. Nederland, België en Luxemburg besloten economisch nauwer samen te gaan werken en richtten de Benelux op. Nederland werd even later een van de zes landen die de Europese Economische Gemeenschap oprichtten, waaruit in de jaren daarop de Europese Unie ontstond.
In 1953 vielen bij de watersnood vele doden in Zeeland en Zuid-Holland. Om een dergelijke ramp in de toekomst te voorkomen, werd het Deltaplan opgesteld, dat vele dijkverhogingen en afsluitingen van zeearmen inhield. Op 25 november 1975 werd Suriname onafhankelijk. Gouverneur Ferrier, premier Den Uyl en koningin Juliana ondertekenden het verdrag.
In 1980 gaf koningin Juliana het koningschap over aan haar oudste dochter, Beatrix. De kabinetten van CDA'er Ruud Lubbers regeren van 1982-1994 onder het motto 'werk, werk, werk'. Deze drie kabinetten worden gekenmerkt door grote bezuinigingen op ambtenarensalarissen en uitkeringen en de afbouw van de verzorgingsstaat. Ook wordt het 'Poldermodel' (consensus tussen overheid, vakbonden en werkgevers) verlaten.
Op 6 mei 2002 werd Nederland opgeschrikt door de moord op de populaire rechts-populistische politicus Pim Fortuyn. Zijn partij, de LPF, behaalde bij de verkiezingen negen dagen later 26 Kamerzetels.
De moord op Pim Fortuyn en op 2 november 2004 de moord op Theo van Gogh droegen bij aan een verharding van de relatie tussen allochtonen en autochtonen.